Artikelen

Bruintje, gevoeld

Jun 28, 2026

Ik zit op mijn computer te werken terwijl ‘roze neusje’ naast me in slaap gevallen is. Het contrast kan niet groter zijn. Terwijl zwart en roze neusje (de voorlopig gegeven namen van Olaf en Marijn aan de twee schildpadkatjes), voorzichtig de buitenwereld aan het verkennen zijn en hun eerste stapjes op de bosgrond maken, is bruintje uit zijn en ons leven geglipt.

Eerder had ik al gedeeld en geschreven over de drie kittens die, samen met onze aanloop moederpoes, zomaar ons leventje in het bos hadden verrijkt. (Zie beschuit met muisjes).

 

En nu is bruintje dus, gegaan.

 

Het begon allemaal afgelopen donderdag middag toen hij rare miauwtjes begon te maken en ook anders door het nest bewoog; terwijl zijn broer/zusjes richting de tepel gingen om te drinken, bleef hij bij de kop liggen. Het zag er niet goed uit.

Ik riep Stijn erbij en beide zagen dat hij enorm snel en moeilijk ademde. We pakten hem uit het nest en namen hem mee naar buiten, meer frisse lucht. De jongens kwamen eromheen staan en waren onrustig. Ze stelden honderden vragen. Over een dierenambulance, een dierenarts, en wat we moesten doen.

Ik voelde me verantwoordelijk, wilde nadenken, en kon met al die duizenden vragen nauwelijks bij m’n intuïtie komen.

Stijn had ervaring met zijn kat, die uiteindelijk alleen opgenomen was in een katten-ziekenhuis en waarvan hij spijt had gehad.

Ik had ervaring van pseudo-kroep aanvallen van zowel m’n oudste als m’n jongste. Eenmaal ben ik naar de huisartsenpost gereden waarbij ik nog de enorme toename van stress ervaarde door hem, als baby, de auto in te krijgen, de drukke wachtkamer in en dan het bezoek bij de huisarts. De benauwdheid was toegenomen; maar ik weet niet of het de pseudo kroep of de hele heisa eromheen is geweest. De andere keren dat mijn jongens pseudo kroep hadden ben ik thuis gebleven; en waren mijn ervaringen dat het naar een paar uur minder werd.

Toch leverde elke aanval mij angst op. Een deel van mij gaat compleet in de ‘freeze’ bij ademnood. Iets wat ik niet gek vind met een moeder die al zwanger van mij een lawine heeft moeten ondergaan en overleefd. De benauwdheid, ademnood en de angst op tekort van zuurstof zit ook in mijn cellen gegrift.

Terug naar bruintje en onze keuze-stress.

We besloten de helse tocht met 30 graden in de auto naar een dierenarts met kans op niks of een opname met zuurstof niet te maken. Het idee dat bruintje zonder zijn moeder daar alleen zou moeten liggen, amper 4 weken oud. En dan ook daarna weer retour moeten komen; zou ze hem verstoten?

Al deze gedachtes schoten door m’n hoofd bij de beslissing te bijven. En de jongens cirkelde er in spel, onrust, emoties en hoop doorheen.

Mijn onrust namen uiteraard mijn jongens over; en die sprongen nog wilder dan anders, al door mekaar pratend, over ons heen.

Ik vond het lastig er voor bruintje, de jongens en mezelf te zijn en haalde een paar keer naar ze uit; ‘nu even niet jongens’ ‘even rustig bij bruintje’ ‘jongens, even zelf’.

Ik voelde dat ik directer, eerlijker op hun interacties reageerde, soms net te fel. Maar wel oprecht vanuit bezorgdheid voor het geheel, en vooral ook voor de zorgen van bruintje. Waarvan ik het hoopte dat hij het zou redden.

Olaf en Marijn gingen slapen en Stijn en ik begonnen aan onze waak-nacht. Waarbij we ieder om beurten met Bruintje en zijn benauwdheid zaten.

Hij had duidelijk benauwdheidsaanvallen en met tussenpozen sliep hij en ademende hij rustig. Als hij rustig sliep en ademde voelde ik hoop. Hoop dat hij het zou redden. Dat hij wakker zou worden en de benauwdheid minder heftig zou zijn. Maar bij elke nieuwe aanval werd de hoop een stukje minder.

Hij leek, vrij snel, al kleiner en magerder dan we hem kenden. En de aanvallen werden niet minder heftig. Het lijden van dit kleine diertje was enorm heftig en intens om aan te zien. En bij elke aanval voelde ik in; is er een manier om het voor hem nu dragelijker te maken?

Waarbij ik hoopte dat onze aanwezigheid en liefde voor hem voldoende was.

Tot het laatst hebben we hoop gehad, hoop op dat hij toch de bocht zou maken. Als hij maar de nacht door zou komen… Als hij maar zou drinken. Een keertje zocht ie naar de tepel bij Lotje, de moederpoes en was hij te zwak om te drinken.

Tot het laatst heeft hij nog uren rustig liggen slapen; waarbij de hoop op herstel op een ommezwaai weer retour kwam.

De laatste aanval heeft Stijn voor hem handpan gespeeld en voelde het goed dat ie ging.

Ik weet niet of ik hem eerder echt kon loslaten; de pijn en verdriet van mijn jongste, die bruintje toch echt wel als favoriet had, kon ik ook niet verdragen.

Ook kon ik de dubbele betekenis van dit verlies ook wel voelen. Het oefenen met sterven, rouw rituelen, en de dood. Zo dichtbij.

Terwijl ook het leven er nog zo is, het leven van deze twee jonge broer/zus katjes.

We hebben bruintje in een koektrommel gestopt vol kruiden, planten en hem bewaard totdat de jongens weer bij ons zijn.

Dan gaan we een ritueel doen met vuur, intenties en rouwen om zijn veel te korte leventje.

 

Liefs,

Annemarie

Wil je op de hoogte gehouden worden van nieuwe verhalen? 

Schrijf je in voor onze speciale nieuwsbrief waar we alleen de nieuwe verhalen versturen. 

Een platform voor zorgprofessionals en pioniers die oeroude wijsheid en moderne geneeskunde willen verbinden — in zichzelf en in hun werk.