Artikelen

De nacht dat ik veertig werd

Nov 18, 2025

Wie Stijn en mij al langer volgt, weet dat we vorig jaar een enorme sprong in het diepe hebben genomen. We hebben beiden ons huwelijk losgelaten om te kiezen voor elkaar en voor ons zielenpad. Een keuze die veel heeft losgemaakt — bewondering en steun, maar ook afwijzing en angst. Want het raakt aan iets dieps: de illusie dat een huwelijk zekerheid geeft.

De afgelopen maanden woonden we samen op Quadenoord: samen leven, werken, genieten van de natuur én geconfronteerd worden met onze schaduwen. Mooi en uitdagend tegelijkertijd.

En toen sloot Quadenoord voor de winterstop — en stonden we letterlijk met onze auto-camper-caravaan op straat.

Bij onze eerste tussenstop, een tankstation, werd er meteen op de deur geklopt: of we even wilden vertrekken omdat de tankauto moest lossen. En daar gingen we — halsoverkop, ieder in onze eigen camper. Voor mij betekende dat: in het donker, door de heuvelachtige straatjes van Oosterbeek rijden, met trillende benen en tranen van angst.

Dit is mijn inwijding in zelfstandigheid, dacht ik. Een opschoning van mijn grootste angst — alleen zijn, zelfstandig rijden, op mezelf staan.

Die avond, de nacht dat ik veertig werd, sliepen we op een parkeerplaats. Ik huilde als een kind. Verlangend naar een thuis, naar mijn jongens die me wakker zouden kussen. Het raakte aan diepe geboorteherinneringen en zette mijn zenuwstelsel op code rood. Angst voor de winter. Angst om alles te verliezen. Angst dat iemand mijn camper — mijn thuis — zou jatten.

De overgang van het veilige Quadenoord naar een parkeerplaats voelde immens. Bijna niet overbrugbaar.

De dagen erna zochten we als in een dubbele vision quest naar een plek om te landen. We stonden op een schoolplein, speelden, poepten in zakjes en waren zonder douche. Afwisselend speels, liefdevol en fijn — en uitdagend, slopend en niet te dragen.

We bezochten minicampings met norse boeren en weinig warmte. Mijn jongens waren dolgelukkig met de koeien en skelters. Maar ik kon er niet landen.

En toen werd de vader van mijn kinderen ziek. Ik moest inspringen. Het werd Stijn allemaal even teveel — hoe logisch. En precies daar voelde ik het: hier heb ik te kiezen voor mezelf. We leunden te veel op elkaar om onszelf nog te kunnen dragen.

Mijn innerlijke draak werd wakker gekust.

In dat heldere moment wist ik direct waar ík deze winter hoor te zijn. Niet samen op één plek, maar ieder op onze eigen plek. Mijn jongens hebben een basis nodig, dichtbij school en hun vader. Een plek waar ik zelf kan landen.

En ik heb die plek gevonden.

Een warme keuken, een wasmachine, een douche. Eenvoud die luxe voelt. Sinterklaas als ankerpunt in alle chaos. De school die structuur biedt. En een vader die volledig aanwezig is voor de kinderen — in deze nieuwe vorm van samen ouderschap.

En ja — het doet pijn. Zielenpijn zelfs. Ik mis Stijn in alle kleine dagelijkse dingen: koffie, boodschappen, avondrituelen. Mijn hart staat wagenwijd open en alles beweegt — pijn en liefde tegelijk. Maar ik voel ook de noodzaak om te landen. Bij te komen na jaren van intense transitie. Mezelf opnieuw te ontmoeten.

Want wie weet welke vorm onze liefde straks weer wil aannemen, wanneer we elkaar opnieuw ontmoeten op Quadenoord — ieder met een sterker fundament onder de voeten.

Durf ik te vertrouwen in onze liefde? Ook als het een andere vorm aanneemt?

Vanochtend zei ik tegen mijn jongens: "Om de schoonheid van warmte te voelen, moet je ook de kou kunnen proeven."

Ze moesten er hard om lachen.

En toch ervaar ik het als waar.

Liefs, Annemarie

Blijf verbonden met
het platform & onze wijsheid

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief en ontvang updates over ons aanbod, nieuwe artikelen en de ontwikkelingen van het platform.

Een platform voor zorgprofessionals en pioniers die oeroude wijsheid en moderne geneeskunde willen verbinden — in zichzelf en in hun werk.